zaterdag, januari 13, 2007

Paris Nous Appartient ****

Regie: Jacques Rivette (1960)


Jacques Rivette is van de grote vijf Nouvelle Vague filmers (Godard, Truffaut, Rohmer en Chabrol) de meest mysterieuze, ongrijpbare en minst geziene regisseur. Dit ligt deels aan het feit dat erg weinig van zijn (relatief kleine) oeuvre op DVD gezet is, wat weer gelegen is in het feit dat Rivette de neiging heeft om akelig lange films te maken; 3 tot 4 uur is bijna standaard voor Rivette en zijn ‘Out 1’ duurt maar liefst 13 uur, een film die tegenwoordig enkel te zien lijkt in plaatsen als Museum of Modern Art, alwaar screenings van dit werk zen-achtige toestanden op schijnen te leveren. Deels is het ontbreken van zijn films op DVD ook te wijten aan het feit dat hij de meest extreme en minst toegankelijke filmmaker van de Nouvelle Vague was en in combinatie met de extreme lengtes hebben maar weinig DVD maatschappijen zin om hun vingers aan zijn werk te branden. Voor deze film had ik enkel de geweldige film ‘La Belle noiseuse’ en het ongelooflijk intrigerende ‘Celine and Julie vont en bateau’ gezien, films met een duidelijke visie, een visie die ook al direct zichtbaar is in ‘Paris Nous Appartient’, de debuutfilm van Rivette.

Met zijn 142 minuten is dit een relatief korte film, ook al had hij er meer dan drie jaar voor nodig om het af te krijgen, een moeizaam proces zonder producent met geleend materiaal en acteurs die niets betaald kregen. Het resultaat mag er echter wezen. Voor radicale visuele experimenten a la Godard, melancholie a la Truffaut, Hitchcock imitaties a la Chabrol of karakterschetsen a la Rohmer hoef je niet bij Rivette te zijn. Hij experimenteert in veel zijn films met lengte en narratief, het zijn typisch labyrinth-achtige verhalen die nergens naar een duidelijk doel leiden maar alle kanten op schieten en ook eindeloos door lijken te blijven gaan, waarbij improvisatie van de acteurs een vitaal aspect is. Zelf vergeleek Rivette treffend zijn verhalen met het weer: het is er altijd, maar niet noodzakelijkerwijs opvallend. Ook in deze film word je als kijker in een meanderend verhaal gestort met allerlei plotjes die soms met elkaar te maken hebben, soms ook totaal niet, maar geen van allen ergens echt uitgewerkt worden. Dit kan zeer frusterend zijn voor bepaalde kijkers die gewend zijn aan duidelijk uitgewerkte verhalen met een duidelijke reden, maar juist die enigmatische kwaliteit die Rivette zijn verhalen altijd weet te geven is zo fascinerend. Want wat Rivette op de een of andere wijze altijd weet klaar te spelen is een bijna hypnotiserend kijkgevoel, hij weet vrijwel altijd de aandacht vast te houden met middelen waar ik mijn vinger niet eens op kan leggen. In deze film weet Rivette op ingenieuze wijze de paranoia van de Koude Oorlog in zijn plot te verweven, want een groep vrienden/acteurs begint langzamerhand steeds paranoïder te worden, het gevoel te krijgen slachtoffer te zijn van een samenzwering en daardoor langzaam uit elkaar te vallen – een prachtige showcase voor de pluriformiteit van zijn scenario’s omdat het versnipperde karakter ervan de wijze waarop alle karakters zich steeds meer afgezonderd beginnen te voelen benadrukt. Het is een mysteriefilm zonder echt mysterie en een film over mysterie, een soort van merkwaardige kruising tussen Antonioni’s ‘L’Avventura’ en Resnais’s ‘L’Année Dernière à Marienbad’.

Mensen die hapklaar eten prefereren, dienen weg te blijven van Rivette, maar mensen die bereid zijn om zelf hun vlees te snijden, kunnen in Jacques Rivette een uiterst interessant cineast ontdekken. En ‘Paris Nous Appartient’ is dan net zo’n goede introductie als welke andere film dan ook.

Labels: ,

dinsdag, oktober 10, 2006

Céline et Julie vont en bateau *****

Regie: Jacques Rivette (1974)

Deze film wilde ik letterlijk al jaren zien, maar zoals met de meeste films van Jacques Rivette was ie nog niet op DVD verschenen, maar dankzij BFI is er nu wel die mogelijkheid. En de film leeft zonder meer op naar zijn beroemde status. Net als in het indrukwekkende, vier uur durende ‘La Belle Noiseuse’ (Rivette is vermaard om zijn lange films, ook deze is met zijn 190 minuten niet direct kort te noemen), waarin eigenlijk allemaal maar weinig gebeurt en tegelijkertijd ook erg veel. Zelf zij hij ooit dat zijn verhalen net als het weer zijn: het is er altijd, maar je staat er gewoon niet altijd bij stil. Een wat suffe bibliothecaresse ontmoet een vrijgevochten goochelaarster en raken beiden verstrikt in een merkwaardige wereld van kinderlijke magie. Omdat de film zo lang duurt weet het zo’n opmerkelijk eigen universum te creëren, waarin je letterlijk kunt verdwalen, want de labyrintachtige structuur van het ‘verhaal’ nodigt letterlijk uit tot het nemen van zijpaden. Het geheel is allemaal duidelijk gebaseerd op Alice in Wonderland alleen dan allemaal net iets anders en nog vreemder. Rivette experimenteert lustig met improvisatie en frommelt allerlei genres door elkaar heen en de film springt van de ene sfeer naar de andere. Nog een stukje knotsgekker wordt het als de dames middels een magisch snoepje een film-in-de-film gaan kijken, waarmee de film nog een extra laag krijgt en de reeds versnipperde en elliptische structuur van de film nog eens extra gecompliceerd wordt. De hele film door stelt Rivette het idee van het kijken naar film en de filmervaring op zich al aan de kaak middels allerlei middeltjes, maar deze thema’s worden nog eens extra versterkt door de film-in-de-film. Ik kan zonder overdrijven stellen dat ik inmiddels wel het een en ander gezien heb wat op zijn zachtst gezegd afwijkt van de standaard en het is juist dan erg prettig om te ervaren dat er nog zoveel is wat je nog kan verrassen omdat het wederom anders is dan je al kent. ‘Céline et Julie vont en bateau’ is zo’n werk, een film die tegelijkertijd hoogst experimenteel is als ook uiteindelijk redelijk conventioneel, hoewel ik het hoge kijkplezier dat de film met zich meebrengt het meest opmerkelijk vond. De film vereist (net als bijvoorbeeld ‘Citizen Kane’) meerdere kijkbeurten om alle losse eindjes, onderling samenwerkende elementen en ingenieuze structuur te kunnen bevatten en na een kijkbeurt kan ik alleen zeggen dat ik enkel de oppervlakte van de film gezien heb. Maar dit is zonder meer Unieke Cinema die niemand mag missen.

Labels: