zondag, maart 09, 2008

Leave her to Heaven ****1/2

Regie: John M Stahl (1945)

Aan het lijstje met crimineel ondergewaardeerde meesterwerkjes kan ik er weer aan toevoegen: ‘Leave her to Heaven’. Want buiten de steun van Martin Scorsese voor deze film lijken er maar bitter weinig mensen naar deze film om te kijken. De film werd ergens zeer treffend omschreven als een regenboog film noir, een prachtige omschrijving omdat de met een Oscar onderscheiden kleurenfotografie een van de meest in het oog springende punten is. Het hoogst bijzondere kleurenpalet biedt niet alleen een zeer prettige esthetisch ervaring, de wijze waarop de Technicolor gebruikt wordt ondermijnt direct het realisme van de film. Hoewel het pas de tweede film is die ik zie van regisseur John M. Stahl lijkt hij net als in ‘Imitation of Life’ oprecht geïnteresseerd in het emotionele welzijn van zijn karakters en hanteert hij een zeer realistische aanpak van de problematiek, een aanpak die prachtig wordt tegengesproken en ondermijnd door het onrealistisch gebruik van kleuren, waarmee de invloed van Stahl op Douglas Sirk nog eens versterkt wordt - feitelijk is Stahl een soort van proto-Sirk. Toch zijn er uiteraard verschillen, want Stahl gebruikt hier zijn onrealistisch warme kleuren en mise-en-scène niet zozeer als kritiek, maar meer als contrast. Het begin van de film ziet er namelijk uit als een idyllische ansichtkaart terwijl het verhaal een bijna Frank Capra-achtige warmheid heeft, waardoor dit in schril contrast komt te staan met de psychologische ellende van het tweede deel van de film als Stahl de ogenschijnlijk perfecte burgerlijkheid die hij met zijn composities in het eerste deel opgeroepen heeft op genadeloze wijze doormidden scheurt; in dit opzicht is ‘Leave her to Heaven’ een vroege voorloper van ‘Blue Velvet’. ‘Leave her to Heaven’ is een sublieme film, een film die vorm, stijl en inhoud op vloeiende wijze laat samenwerken en een film die iedere doorgewinterde filmliefhebber gezien moet hebben.

Labels:

dinsdag, januari 16, 2007

Imitation of Life ****1/2

Regie: John M. Stahl (1934)


Lang voordat Douglas Sirk furore zou maken met zijn subversieve melodrama’s was er John M. Stahl, die soortgelijke films voor Universal maakte. Het is veelzeggend dat vier van Sirk’s klassieke films remakes zijn van films van Stahl, ook al had Sirk zijn films nooit gezien toen hij de remakes maakte. ‘Imitation of Life’ is een van Sirk’s allerbeste films, een deliriumoproepend melodrama met een van de meest verwoestende eindes in de filmgeschiedenis waarbij ik een heel pak tissues doorheen gejaagd heb, een van de meest glorieuze momenten in Sirk’s carrière waarbij zijn ondermijning van het genre en oprecht werkend melodrama volledig hand in hand gingen. Het is dan ook hoogst interessant om de originele versie van Stahl te zien, een versie die bepaalde connaisseurs als nog beter beschouwen dan de Sirk remake.

Het verhaal is in beide films grotendeels gelijk, vol met dramatische aspecten: een blanke vrouw met een jong dochtertje neemt een donkere vrouw met een klein dochtertje in huis om voor haar te zorgen. Samen maken ze een fortuin waardoor ze hun arme leven achter zich kunnen laten. Rijkdom brengt uiteraard niet het geluk waar ze op gehoopt hadden, want er ontstaan verwikkelingen. De bijna blanke dochter van de negerin weigert haar huidskleur te erkennen en gaat rebelleren tegen haar gekleurde huid en haar moeder. Ook de blanke vrouw blijft uiteraard niet gespaard van ellende, want zij wordt verliefd op dezelfde man als haar eigen dochter. Het is een dramatisch zeer dik aangezet verhaal wat echter enkele zeer belangrijke issues van het menselijke leven aanroert.

Een van de grote verschillen is uiteraard dat de Stahl versie in zwart-wit is, dus je mist de duizelingwekkende en hoogst onrealistische kleurenpatronen die je in Sirk ziet (vóór Sirk werden dergelijke kleuren enkel gebruikt in musicals en fantasiefilms als ‘The Phantom of the Opera’ (1943) en niet voor ‘realistisch melodrama’), terwijl ook Sirk’s kenmerkende artificiële decors hier zo goed als afwezig zijn. De Stahl versie mist dus deze subversieve dimensie, maar dat betekent nog niet dat Stahl het volledig recht door zee speelt, of juist wel. Want waar Sirk altijd volledig over de top is en hij zijn melodrama volledig uitwringt tot bijna in het ludieke, daar is Stahl juist zeer onderkoeld en terughoudend, zonder echter de emotionele impact te missen. Het verschil tussen beide manieren van aanpak zou je kunnen zien in beide hoofdrolspelers: waar Sirk de glamoureuze en glossy Lana Turner heeft, daar heeft Stahl in dezelfde rol de eenvoudige girl next door Claudette Colbert. Het is uitzinnigheid versus normaalheid in zekere zin. Wat Stahl in mijn ogen erg goed doet is het menselijke aspect van het verhaal naar voren brengen zonder de spottende ondertoon van Sirk, Stahl is veel oprechter. Toch levert ook Stahl met zijn mise-en-scène soms visueel commentaar, zoals het prachtige shot van de trap waar de blanke vrouw omhoog loopt en de donkere vrouw omlaag, een mooie visuele metafoor voor het sociale verschil tussen beiden. Ook hierin schuilt een verschil tussen beiden, want als Sirk zo’n shot zou gebruiken (het zou kunnen dat hij dat ook doet, maar ik heb zijn versie al lang niet meer gezien), dan krijg je meteen het beeld van een Sirk die van bovenaf met een sardonische glimlach neerkijkt op zijn karakters, terwijl het voor Stahl een relatief simpele maar oprechte visuele metafoor is. En nu ben ik wellicht maar een suffe sentimentele ziel, maar ook in deze versie kon ik de oogjes niet droog houden.

Welke van de twee nu beter is zou ik niet direct durven zeggen en is denk ik ook een kwestie van smaak (ik prefereer Sirk uiteindelijk, maar dat is volledig ingegeven door mijn passie voor Sirk), maar het staat als een paal boven water dat beide films magistrale, hartverscheurende melodrama’s zijn, ieder op hun eigen manier. Sirk is gelaagder maar ook minder oprecht, Stahl is meer rechttoe rechtaan maar ook menselijker. Ik zou zeggen, schaf gewoon de dubbel DVD 'Imitation of Life' aan waar beide films op staan en oordeel zelf. Een film als deze verdiept in ieder geval mijn kennis en begrip van Douglas Sirk en maakt me hoogst nieuwsgierig naar het overige werk van John M. Stahl en dan met name de (door Martin Scorsese aangeprezen) melodramatische film noir ‘Leave her to Heaven’.

Labels: ,